Skip to content

Amsterdam

Wie heeft er wel eens – net als ik – door Amsterdam gelopen en gedacht: als dit nou dé stad is, de stad die alles heeft, waarom hangt hier dan verdomme nergens een klok? Gewoon een klok, op straat, aan een tramhalte of aan de buitenkant van een gebouw, een klok, zodat je kunt zien hoe laat het is?

De klok is verdwenen uit het straatbeeld. Hoe is dat zo gekomen? Eerst dacht ik: de klok was gewoon een stukje openbare waarheid dat vervangen kon worden door een reclamebord. Maar vannacht kwam een andere, diepere verklaring naar me toe, uit een wondere wereld die religieuze mensen bovennatuurlijk zouden noemen, maar die voor mij als atheïst doodnormaal is. De verklaring luidde als volgt.

Er zijn drie dingen die nooit slapen: bacteriën, virussen en Amsterdam. ’s Morgens tegen vijven, wanneer zelfs de populairste hoeren op de Wallen liggen te dromen, is er nog één hoer wakker en dat is Amsterdam, de stad die altijd vibreert, die altijd open ligt, vooral het stationsgebied. Hup daar komt weer een Intercity klaar. Tssssj. Kijk eens hoe de witte mensheid eruit loopt. Amsterdam Centraal, de achteringang van de stad, altijd open, altijd opgebroken, altijd uitgescheurd. De verregende bouwputten liggen er als herpeszweren omheen en de treinen blijven maar komen. Ach, Amsterdam, de hoer niet nooit slaapt, die nooit bevredigd raakt, die nooit ophoudt de gastvrijheid van haar miezerige achterland te belichamen, ook al spreekt ze de taal niet eens meer.

Amsterdam is tijdloos. Daarom hebben Amsterdammers nooit ergens tijd voor. Ze fietsen hard langs de uithangborden van Thaise snackbar-hotels, coffeeshops, smartshops, massagesalons en souvenirwinkeltjes. Hun ogen zoeken naar een klok om hun haast opnieuw in te schatten. Maar er zijn geen klokken in Amsterdam, want Amsterdam is tijdloos en zal dat blijven tot de grote dag eindelijk aanbreekt, waarop wat begon op 1 augustus 1674 wordt afgemaakt.

In Utrecht, een stad die wél slaapt, woedde op 1 augustus 1674, zoals iedereen weet, een wervelwind, die de Domtoren bevrijdde van de greep van de kerk, door in één keer het hele middenschip weg te blazen. De ruïne kreeg daarna bekendheid als een ontmoetingsplaats voor nog meer bevrijde torens, de homoseksuelen, wat ervoor heeft gezorgd dat de Utrechtenaren zich Utrechters zijn gaan noemen.

Wat niet iedereen weet, omdat ik alleen ik het weet, is dat er binnenkort een tweede, grotere storm zal komen, die de Domtoren nog verder uit zal breken en als een zaadje door de lucht mee zal voeren naar Amsterdam om hem daar horizontaal over het spoor het centraal station binnen te schuiven. De klokken van de Dom zullen luiden onder de stationshal en Amsterdam zal eindelijk bevredigd raken en slápen. Aan haar gevels zullen kleine klokjes groeien, die allemaal een Brabants kwartier achter lopen, zodat niemand zich meer hoeft te haasten.

En tot die dag aanbreekt, adviseer ik u uit Amsterdam weg te blijven.