Skip to content

Het dappere Hollandse leger, door L.H.A. Drabbe

Het dappere Hollandse legerIn een achttal satirische, vulgaire schetsen beschrijft L.H.A. Drabbe de Nederlandse legerkazerne als een plaats waar je vloekt op je ondergeschikten, terwijl je probeert zo goed mogelijk onder je triviale taken uit te komen zonder dat je superieuren het merken. Bovendien stinkt het er; en niet zo’n beetje ook.

‘In de chambrée hangt ’n gore, dik-walmige, benauwend-penetrante slaapstank, opgetrokken van de tweeënzestig beslapen kribben, ’n zweetvunzige, wee-brakerig-lauwe pestlucht, ’n stank, bijna tastbaar van kwal-rottige wolkerigheid.’

Door een dwarsstreepje in de echt verbonden bijvoeglijke naamwoorden zijn alomtegenwoordig in het boek en niet altijd even noodzakelijk, maar hier dragen ze sterk bij aan de té overdadige stankbeschrijving, waarin de verteller zich bijna lijkt te verslikken. Drabbe, een antimilitaristische generaalszoon, werd na de publicatie van dit boekje in 1900 direct geboycot door de ‘betere literaire kringen’ en wist hier gedurende zijn leven niet meer in door te dringen.

Wim Zaal schreef in zijn nawoord bij de heruitgave in 1970 van Het dappere Hollandse leger: ‘de tijd ís niet rechtvaardig’. Lang heb ik geloofd dat iets wat kwaliteit heeft vanzelf zijn plek zal vinden. Maar na het lezen van het hilarische vloekschrift van deze onbekende en haast onvindbare auteur, moet ik Zaal gelijk geven. Soms worden uitstekende schrijvers compleet vergeten. De ‘atheïst-pessimist’ L.H.A. Drabbe is er zo één. Enkele exemplaren van Het dappere Hollandse leger liggen, verspreid over verschillende antiquariaten, te wachten op een laatste lezer voor ze van ellende uit elkaar flikkeren. Ik vond het boekje toevallig bij De Slegte, op de afdeling Oorlog, niet Literatuur.

Drabbes latere werken zijn helemáál van de aardbodem verdwenen, waaronder de roman Levenslol, die volgens Zaal ook zeer de moeite waard is. Drabbe zou een unieke plaats in kunnen nemen in de Nederlandse letteren. Ik betwijfel of ik ooit zoiets genadeloos zwartgalligs heb gelezen als dit debuut en ik had nooit gedacht zo dicht bij huis een humorist te vinden die de vergelijking met Nikolaj Gogol zo goed doorstaat. Hopelijk is hiermee de tijd een handje geholpen, al is mijn invloed gering: ik sta er zelf niet beter voor dan Drabbe. Maar ik ben tenminste nog in leven om er iets aan te doen.

Eén commentaar

  1. E.Tielenius Kruythof schreef:

    ‘Hen’ Drabbe schreef ook idiote brieven,vaak voorzien van tekeningen,aan mijn grootouders.
    Hij is een ver familielid van mij. Ik bezit een “Drabbe-achriefje”. Een paar verhalen over hem: Drabbe, op weg naar mijn grootouders, stuurde (tegen een kleine vergoeding) een jongetje alvast vooruit dat tegen mijn grootouders moest zeggen: “Drabbe komt er aan”.
    Hij had een fietsbel aan de trapper van zijn fiets… Drabbe werd aangehouden door een agent die hem vroeg: en als u nu moet bellen?” Antwoord, “dan stap ik af en bel ik”

    donderdag 14 april 2011, om 21:12 | Permalink